Deventer - Woningbouw

Het kostte jaren om de nieuwbouw rond te krijgen maar nu staat er ook wat. Een zeer ruime, moderne en volledig onderkelderde woning op aardwarmte.
Ruud en Wil Meijer omschrijven het zelf als: "Nu zitten we op een fantastisch plekje!". Met erbij een uit de kluiten gewassen tuinhuis, dat dienst doet als akkerbouwschuur. Het verhaal van een bijzondere ‘burgerboerderij’ op de rand van Deventer.

Of je nu naar het oosten, het westen of het zuiden kijkt, het uitzicht blijft alle keren even adembenemend. Tot zover het zicht reikt, kijk je vanuit de strakke, raamrijke woning van Ruud (67) en Wil Meijer (65) over hun landerijen, in totaal zo’n 25 hectare groot. Beide werkten jarenlang in het onderwijs, maar Ruud Meijer bleef daarnaast tot op de dag van vandaag altijd parttimeboer. Op het land rondom het huis verbouwen ze suikerbieten, granen en zetmeelaardappels.

 

 

Het bijzondere is dat er in geen velden of wegen iets staat wat met een boerderij te maken heeft. Meijer runt het bedrijf vanuit het luxe woonhuis en een nieuwe schuur, die meer lijkt op een uit de kluiten gewassen tuinhuis dan op een bedrijfsloods. In ‘dat tuinhuis’ ligt stro en staat een combine. Voor de twee New Holland-trekkers is geen plaats; die staan onder de schuuroverkapping die aan weerskanten zo’n 3 meter doorloopt.

Zo heeft het echtpaar Meijer eigenlijk altijd geleefd en gewerkt: naast hun reguliere banen in het onderwijs vanuit een burgerhuis met bedrijfsloods. Van 1975 tot 2013 deden ze dat op twee verschillende locaties in Epse. Al rond de eeuwwisseling werd bekend dat ze ooit uit Epse moesten vertrekken, vanwege de komst van een industrieterrein bij Deventer. In 2000 verkochten ze de eerste grond al aan een projectontwikkelaar, maar uiteindelijk duurde het nog dertien jaar voordat ze op de plek kwamen waar ze nu wonen.

Wil Meijer: ‘We hadden gedacht hier te komen op veel jongere leeftijd, maar uiteindelijk heeft het meer dan tien jaar geduurd. Hier in Oost-Nederland zendt RTV-Oost een soapserie uit: Van Jonge Leu en Oale Groond. Nou, ik kan heel wat afleveringen schrijven voor die serie over wat wij de afgelopen jaren in dit bouwtraject hebben meegemaakt, niet te geloven.’

Nu kan ze er wel om lachen. Zoals zij en haar man de vele voorvallen die ze meemaakten altijd goed hebben kunnen relativeren. ‘Gelukkig hebben we ons leven er nooit door laten leiden. En nu zitten we op een fantastisch plekje.’

 

 

Rood-voor-rood-regeling

Al in 2006 maakte architect Harry Ehrenhard de eerste tekeningen van wat nu hun nieuwe huis is. En in 2007 dachten de Meijers de bouwkavel van zo’n 1.500 vierkante meter aan de Oxerhoflaan - een landelijke omgeving die onder de plaats Deventer valt - gekocht te hebben van de boer die ernaast woont. Deze man maakte gebruik van de Rood-voor-rood-regeling. Bij deze regeling krijgt een deelnemer één of meer bouwkavels toegekend voor het bouwen van een woning. In ruil daarvoor moet hij uit de getaxeerde waarde van de bouwkavel de sloop van het bedrijfsgebouw op deze locatie bekostigen.

De koop verliep bepaald niet soepel, maar de Meijers willen verder niet ingaan op het hoe en waarom. Vast staat wel dat het al met al een paar jaar langer duurde dan gepland. Ondertussen wilde het met de gemeente Deventer ook al niet echt opschieten. Pas in 2012 kocht de gemeente de familie Meijer uit. Toen ze dachten eigenlijk te kunnen beginnen met bouwen, bleek de gemeente het huis op de verkeerde plek te hebben gesitueerd. ‘Wat nu onze tuin is, daar zou ons nieuwe huis worden gebouwd. Maar dat stuk bleek nog net binnen EHS-gebied te vallen. De oplossing was dat de woning 12 meter naar achter moest worden geplaatst’, zo vertelt Wil Meijer.

Alles wat aan onderzoek was gedaan aan flora en fauna en geluid moest worden overgedaan. Toen dat was gebeurd, ging de aannemer die de woning zou bouwen failliet. De Meijers moesten op zoek naar een nieuwe aannemer. Na weer bijna een jaar vertraging konden ze in oktober 2012 eindelijk los met bouwen. De bouw verliep uiteindelijk voorspoedig. Tot het moment dat de aannemer failliet ging. Gelukkig was dat op een moment dat de woning klaar was. En gelukkig heeft de aannemer een doorstart kunnen maken. Dit bedrijf zet nu de laatste puntjes op de i’, zegt Ruud Meijer.

 

 

Eigentijds en passend in omgeving

Architect Harry Ehrenhard van Rombou was vanaf het begin betrokken bij dit project. Hij kreeg de opdracht om een woning en schuur te bouwen met een eigentijdse vorm, welke zich goed voegt in het landschap. Omdat het object niet erg ver van een karaktervolle Overijsselse boerderij kwam te staan, moest er van de gemeente modern gebouwd worden. Een klassiek ontwerp was niet aan de orde.

De woning heeft met schuin aangesneden daklijnen, rieten kap en kleurstelling een moderne uitstraling gekregen. De schuur van 10 bij 25 meter sluit qua kleur- en materiaalgebruik aan bij de nieuwe woning en biedt voldoende ruimte. Het geheel gaat op in de achtergrond van het groen. Ehrenhard: ‘Ik heb veel natuurlijke materialen gebruikt, zoals glas, riet en hout. Het eigentijdse zit hem vooral in het werken met aluminium elementen.’

Naast het ontwerpen van woning en schuur verzorgde Rombou ook de bouwtekeningen, het indienen van de aanvraag voor de omgevingsvergunning, het opstellen van het bestek (beschrijving en tekeningen) en de aanbesteding. Volgens de architect wilden de Meijers het wel strak, maar ook weer niet zo strak dat het een vierkante doos werd. ‘Mevrouw Meijer was vooral van de vormgeving, meneer Meijer hamerde vooral op functionaliteit: niet te veel geduvel.’

Ruud Meijer beaamt de woorden van de architect. Uit het gesprek dat dan ontstaat met zijn vrouw, blijkt dat ze beide nogal van smaak verschillen. Zo vindt Wil Meijer de strakke, moderne entree ‘een plaatje’, terwijl haar man daar iets anders over denkt. Ook is hij minder gecharmeerd van sommige vormgevingstechnische elementen op de overkapping van de schuur. ‘Die zitten me alleen maar in de weg.’

Wil Meijer lacht: ‘Maar ze zijn prachtig toch?’ Ruud: ‘Ik ben echt wel tevreden, maar sommige tierelantijnen hadden van mij niet gehoeven.’ Wil: ‘Ja, ik ben wat meer van de esthetiek in vormgeving.’