Klaver Koe wint strijd na 8 jaar

Door: Sjoerd Hofstee 01 maart 2016

Op het erf van Klaver Koe in het Noord-Hollandse Winkel start binnenkort de bouw van nieuwe melkveestallen voor 500 koeien. Alle oude gebouwen, daterend uit 1966, gaan plat. Een broodnodige moderniseringsslag waar de ondernemers vanaf 2008 voor streden. Eind vorig jaar kwam eindelijk het definitieve groene licht door.

Klaver Koe is een van de bekendste melkveebedrijven van Nederland. Dat komt vooral doordat alle melk van het bedrijf wordt omgezet in Klaver Kaas, een andere tak van het familiebedrijf. Net als de Klaver Geit, waar met 2000 melkgeiten ook geitenmelk aan de eigen melkfabriek wordt geleverd.

Op alle Klaver-bedrijven bij elkaar werken veertig man. Deze bedrijven zijn eigendom en worden gerund door de familie Klaver zelf. John Klaver en zijn drie neven Marcel, Tim, en Bas.

Op het melkvee- en het geitenbedrijf is het rantsoen speciaal aangepast op de receptuur van de kazen. Om die reden werden in 2008 ook de plannen voor uitbreiding en nieuwbouw gemaakt. ‘Het unieke van ons product is dat wij echt kunnen zeggen dat wij van grasspriet tot kaasblokje het hele proces in eigen beheer en eigendom hebben. Als wij onze eigen melk verwerken, kunnen wij op zeker sturen richting de gewenste samenstelling van de melk’, licht John toe. ‘De vraag naar onze kazen, die bij vele speciaalzaken te koop zijn, nam voor 2008 al toe. Daarom hebben we naast nieuwbouw ook op uitbreiding ingezet.’

Die uitbreiding hield in dat er 734 koeien mogen worden gehouden op het bedrijf van Klaver Koe. Inmiddels is dit toegekend, maar om zover te komen, ging ongelofelijk veel tijd en energie vooraf.
‘In 2008, toen we deze plannen ontwikkelden, heb ik eerst bij provincie en gemeente gepolst of onze plannen pasten. Het zijn natuurlijk grote aantallen waarover we spreken’, vertelt John. ‘Zij zagen geen bezwaar. En ik moet toegeven dat zij gedurende al die jaren ons inderdaad niet tegen hebben gewerkt. Echter, één omwonende had problemen met onze plannen. Doordat zij procedures aanging, duurde dit alles zo lang.’

Juist om die reden van het goed regelen van het traject, betrok de familie Klaver Jan Pieter Smit van Rombou direct al in 2008 bij het project. John kende Jan Pieter al jaren en hij legde hem de vraag voor de benodigde vergunningen te regelen. Dat klinkt simpeler dan het was, zo bleek.

‘Wij zijn niet van het type dat het bijltje erbij neer gooit, maar zonder Jan Pieter hadden we het niet gered. En ik was er denk ook wel mee gestopt’, vertelt John. ‘Ik heb dan ook meermaals tegen Jan Pieter gezegd dat hij zich er maar mee moest redden. Ik bemoeide mij er dan even helemaal niet mee. Met onze bedrijven zijn wij hartstikke druk en dan zit je niet verlegen om al deze randzaken erbij. In Jan Pieter had en heb ik vertrouwen, dat maakt ook dat we hebben doorgezet en dat ik altijd wel vertrouwen heb gehad een goede afloop.’

MER rapportage

Een van de zaken die moest worden geregeld, is een bouwblokverruiming van 1,5 naar 4,5 hectare. Door het aantal koeien dat moest worden vergund, bleek dit uiteindelijk alleen via een Milieueffectrapportage (MER) te kunnen worden gerealiseerd. Rombou schreef deze MER voor Klaver Koe. Het bedrijf is daarmee een van de weinige melkveebedrijven in Europa waar dit voor is gerealiseerd.

Omdat het proces zoveel jaren in beslag nam, haalde de regelgeving de plannen ook wel eens in.
Zo kwam gedurende het proces naar voren dat er alleen kon worden voldaan aan de Natuurbeschermingswet door middel van aankoop van ammoniakrechten.

Het is slechts een greep uit de talloze stappen die in dit proces moesten worden gezet door Klaver Koe en Rombou. En telkens weer moest het worden getoetst door de autoriteiten. Tot aan de Raad van State aan toe.

Alles met elkaar betekende dit ook financieel een enorme impact voor het bedrijf Klaver. ‘Die acht jaar dat we gezamenlijk ijverden om alle vergunningen rond te krijgen, heeft ons zo’n 300.000 euro gekost’, vertelt John. ‘Een ontzettend hoog bedrag. En was ons bedrijf door de verschillende takken niet zo sterk, dan had dit ook niet gekund.’

John wil daarbij benadrukken dat hij het een goede zaak vindt dat in Nederland de mogelijkheid bestaat om bezwaren te maken tegen plannen. ‘Daarin neem ik onze buren niets kwalijk. Procederen mag in een democratie en dat vind ik een groot goed. Wat ik niet normaal vind, is dat dat acht jaar moet duren. Een ondernemer wacht namelijk alleen maar op een ja of een nee. Een negatief antwoord was voor ons teleurstellend geweest, maar wel duidelijk. Nu hebben we jaren in onduidelijkheid geleefd, dat vreet aan je.’

Verre van ideaal

John Klaver is dan ook zeer content dat binnenkort de bouw van de nieuwe stallen van start gaat. Achter de bestaande gebouwen verrijst dan één nieuwe stal. In de nieuwbouw wordt ook een nieuwe melkstal gerealiseerd.

‘Onze gebouwen zijn op, maar de melkstal is ‘slechts’ twintig jaar oud en werkt nog prima. Logistiek is het echter veel beter om nu alles bij elkaar goed te realiseren’, vertelt John. ‘In de afgelopen jaren creëerden wij al wat extra ruimte door stukjes bij de bestaande gebouwen aan te bouwen. Daarmee redden we ons, maar het is verre van ideaal. Onder andere doordat het veel extra tijd kost. Nu we nieuwbouwen proberen we die looproutes dus goed te krijgen.’

Dat betekent dat de melkkoeien opnieuw, net als in de huidige situatie, in verschillende groepen worden gehuisvest. Een hoogproductieve groep, een vaarzengroep, een groep laagproductieve en drachtige dieren en een groep die kort voor de droogstand zit.

Jongvee wordt bij Klaver Koe alleen gehouden tot een leeftijd van vier maanden oud. Daarna vertrekken ze naar een opfokker in de buurt. Dat systeem wordt doorgezet.

Een groot deel van de melkkoeien krijgt dan weidegang aangeboden. Zij het soms gedeeltelijk en per groep. In verband met de kaasbereiding is weidegang geen issue, maar een vanzelfsprekendheid. Ondanks de omvang van het bedrijf.

Omvang ondergeschikt

Die omvang komt waarschijnlijk rond de 500 koeien te liggen. ‘We hebben een vergunning voor 734 dieren, maar voortschrijdend inzicht zegt mij dat we niet naar dat aantal moeten doorgroeien’, vertelt John. ‘Die schaal past niet bij het product dat wij vermarkten.’

Nu worden er 400 koeien gehouden in de oude stal. Hoe snel de opschaling richting 500 plaatsvindt, weet John ook niet. Dat is mede afhankelijk van de uitwerking van het fosfaatrechtenstelsel. ‘Het aantal is ook ondergeschikt. We kijken wel hoe dat uitwerkt de komende tijd. Voor nu is het van belang dat we zekerheid hebben dat de bouw van start gaat. Ik hoop dat de koeien in december in de nieuwe stal lopen en dat het hele project, inclusief de sanering van de oude gebouwen, volgend voorjaar is afgerond. Dat geeft een goed gevoel. Eindelijk zijn we zover.’ 

Bekijk de documentaire 'geboren boeren' over dit bedrijf

Bekijk andere mooie rombou-projecten

Blijf op de hoogte