1 januari 2020: belangrijke datum voor varkenshouders

Door: Dick Hengeveld 15 december 2017

Voor veel varkenshouders is 1 januari 2020 een belangrijke datum in het kader van de ammoniakwetgeving. Alle bedrijven, met uitzondering van de biologische en scharrelvarkensbedrijven, moeten op dat moment voldoen aan het Besluit emissiearme huisvesting.

Besluit emissiearme huisvesting en interne saldering

In dit besluit zijn per diercategorie maximale emissiewaarden voor ammoniak opgenomen. Op  1 augustus 2015 is dit besluit in de plaats gekomen van het ‘oude’ Besluit huisvesting. Uitgangspunt is dat er geen huisvestingssystemen worden toegepast met een ammoniakemissiefactor die hoger is dan de waarde die in het besluit is opgenomen. Een uitzondering is gemaakt voor stallen die vóór 2007 zijn gebouwd, deze hoeven niet te voldoen aan de maximale emissiewaarde, mits er in andere stallen verdergaande emissiearme technieken worden toegepast, zodat gemiddeld wordt voldaan. Dit heet intern salderen. Ook in het oude besluit was intern salderen toegestaan.

Aangezien op 1 augustus 2015 de emissiewaarden voor biggen en vleesvarkens zijn gewijzigd, kan het zijn dat een bedrijf voldeed aan het oude besluit, maar niet voldoet aan het nieuwe besluit. Dit komt vooral  voor bij bedrijven die bij de vergunningaanvraag onder het oude besluit de grens hebben opgezocht van wat nog net passend was binnen het toegestane emissieplafond. In deze situatie is er tot 1 januari 2020 tijd om aanvullende maatregelen te nemen. Let wel, de aanpassingen moeten dan ook daadwerkelijk zijn gerealiseerd.

Zeker bij zeugen- en/of gesloten bedrijven is het lastig om te beoordelen of de huidige vergunning wel/niet voldoet aan het nieuwe besluit. Schakel daarvoor een deskundig adviseur in.

Stoppersregeling

Deelnemers aan de stoppersregeling mogen na 1 januari 2020 geen varkens meer houden, tenzij de stallen op die datum zodanig zijn aangepast, dat ze voldoen aan het nieuwe besluit. Ook hier moeten de aanpassingen voor 2020 zijn gerealiseerd. 

Aanpassen vergunning/melding, begin op tijd

De eventuele aanpassingen moeten voor 2020 zijn gerealiseerd. De vergunningprocedure kan een jaar duren, dit houdt in dat er niet heel veel tijd is om een nieuwe bedrijfsopzet te bedenken.

Afhankelijk van de situatie zijn er vele vragen: 

  • Is nieuwbouw nodig of zijn er alleen aanpassingen binnen de bestaande stallen? 

  • Wordt het aantal dieren uitgebreid?

  • Moeten we rekening houden met de maatlat duurzame veehouderij?

  • Is er bij toename van ammoniakemissie voldoende ontwikkelingsruimte in het kader van de Natuurwetgeving?

  • Past de eventuele uitbreiding binnen het bestemmingsplan?

  • Wat zijn de investeringskosten, kan het gefinancierd worden?

Sinds dit voorjaar moet in heel veel gevallen een MER-beoordelingsnotitie worden opgesteld voorafgaande aan de omgevingsvergunningaanvraag. Op basis hiervan moet het college binnen 6 weken een besluit nemen of er al dan niet een Milieueffectrapport moet worden opgesteld.  Hierdoor wordt de doorlooptijd met enkele maanden verlengd. 

Kortom: begin op tijd met de voorbereidingen, de vergunningprocedure kan een jaar duren, en de aanpassingen  moeten voor 1 januari 2020 zijn gerealiseerd.

"Inmiddels weet ik wat er te koop is in de veehouderij" Dick Hengeveld ab

Blijf op de hoogte